Om chronologisch te blijven, lees eerst het berichtje ‘met hannibal de alpen over’ hieronder!!!
Vanuit Ghigo wachtte ons het laatste zware stuk de Alpen over, langs vier berghutten, zonder dorpjes of winkels tegen te komen. Het laatste stuk zware Alpen, heb ik dat niet al drie keer gezegd? Tijdens heel deze reis hebben we maar twee keer gebeld naar hutten om op voorhand te reserveren. Eigenlijk willen ze dat allemaal, wat heel begrijpelijk is, maar wij voelen het aan als een beperking in onze vrijheid, en doen het dus niet. Maar omdat het weer maar half en half is en wij niet voor vijf dagen eten willen meesleuren, hebben we toch maar even gebeld om te verifiëren of alle hutten nog wel open waren. Het 1 september trauma, weet je wel… Al bij al viel het nog mee en vol goede moed vatten we de tocht aan naar de Rifugio Lago Verde. Nauwlijks vertrokken of het begon te regenen en te onweren. Op weg door het dichte bos hoorden we tussen het regengeruis door ineens een vreemd geluid in het bos. Een everzwijn, een bronstig hert… Het klonk best wel eng en heel dichtbij en zo in het donkere bos konden we niet veel zien. Toen ik daarna een luide scheet liet in mijn regenbroek, stopte Eva ineens en zei: ‘wat was dat? Ik denk dat het dichterbij komt!’ Haha, lachen gieren, brullen
Het is een fysische wet, hoe hoger je komt, hoe kouder het wordt, en hoe meer kans dat de regen overgaat in hagel of sneeuw. Op een uur afstand van de hut zaten we weer gezellig in een onweer dat we zo goe en zo kwaad als het ging genegeerd hebben. Terugkeren was niet echt een optie meer. En ja, die regen was nu ook al geen hagel meer, maar begon er als witte vlokjes uit te vallen. De mensen in de hut waren supervriendelijk, maar vroegen ons toch direct waar we morgen heen wilden. Want het ging nog wel wat sneeuwen die nacht. Afwachten en ’s ochtends wel zien. Het avondeten was heerlijk en omdat het zo’n gezellige winterse avond was mochten we op het einde nog van elk zelfgestookt alcoholisch drankje proeven. Toppers waren: tijmlikeur, génépi, bosbessengrappa… jaja, er werd voor ons gezorgd. Ondertussen ook nog es een beetje de hele Belgische situatie moeten proberen uit te leggen. Bovendien is er werkelijk niemand, maar dan ook niemand die weet dat Nederlands en Vlaams dezelfde taal is. Ze snappen het alleen als we zeggen dat het exact dezelfde geschrevn taal is. Nu, we zijn zelfs al een Nederlander tegengekomen die niet wist dat wij dezelfde taal spreken, wat waarschijnlijk meer zegt over hem… Maarja, als sommige reisgidsen zoals de Lonely Planet al zeggen dat het twee verschillende talen zijn, dan snap je de verwarrring wel…
Die volgende ochtend had het iets meer gesneeuwd dan verwacht… De meteo had enkele centimeters sneeuw voorspeld, maar toen wij naar buiten keken zagen we 30 centimeter verse sneeuw liggen! slik… De geplande tocht naar de Jervis hut konden we vergeten. Gelukkig was daar een iets ‘gemakkelijker’ alternatief over de col d’Abries naar Frankrijk. Dat was ‘maar’ 150 meter stijgen. Na ons gesprek van gisteren moesten de huttenbazen wel wat vertrouwen gekregen hebben in ons, want ze zagen het wel zitten dat we het gingen proberen. Ze konden ons heel de tijd zien vanuit de hut (als de mist optrok tenminste) en hadden ons gedetailleerd de weg beschreven en de juiste col beschreven waar we naartoe moesten zigzaggen. Arne heeft al zijn alpine ervaring mogen bovenhalen en we hebben Barbara, een Duitse vrouw die gisterenavond ook nog was aangekomen in de hut, op sleeptouw genomen. Zelfs met een zonnebril was het heel moeilijk om in dit mistige besneeuwde landschap enig relief te kunnen onderscheiden. Gelukkig kwam het zonnetje erdoor. Maar goed ook, want op die manier konden we heel vaag het wandelpad door de bergflank omhoog zien lopen. Oef, ook al moeten we nog steeds sneeuwstampen en ons eigen spoor door de sneeuw trekken, we hadden tenminste een soort richtlijn die we konden volgen… Het was onbeschrijflijk mooi om als eerste en enige mensen in deze witte winterse wereld te mogen binnenkomen. Die maagdelijke sneeuw, niks dan witte bergen rondom ons, stilte… We hebben er maar een half uurtje langer over gedaan dan de gidstijd, wat wel een prestatie mag genoemd worden. Naar boven lieten de beide dames Arne graag als eerste gaan, maar naar beneden hebben we afwisselend gespoord. Zo wandelden wij de Queyras binnen, een streek die bekend staat voor haar wintertrekkings … maar meestal op sneeuwraketten. Het was subliem, maar de foto’s zullen het ongetwijfeld beter vertellen. In abries was alles zoals gewoonlijk weer dicht maar hebben we toch nog een klein take away restaurantje gevonden waar we ons es goed hebben laten gaan en nog een hele nacht hebben nagedroomd van die prachtige dag… We hebben al helemaal onze zinnen gezet op die wintertrekking die we deze winter tesamen met Joel in Zweden willen gaan doen!
Toch maar even naar de Refuge du Viso gebeld om te vragen of we langs daar terug italie binnen konden wandelen, waarop we geantwoord kregen dat er bijna geen sneeuw meer lag en dat er vandaag al mensen waren die de col hadden overgstoken. Die fransen en hun understatements altijd… Er lag nog gigantisch veel sneeuw! Wat wel heel mooie beelden opleverde van de Monte Viso natuurlijk
De gardien stapte trouwens ook niet waarom we te voet wilden vertrekken vanuit abries. Il faut fair l’auto stap jusqu’au parking! Als zelfs de huttenbazen het al niet meer snappen
Sinds gisteren zijn de temperaturen hier serieus gedaald en het was dan ook ijskoud. samen met nog drie andere belgen zijn we de 2800 meter hoge besneeuwde col overgeraakt en zo terug italie ingewandeld. Op de camping in Pontechianale was de zon al weg om 4 uur en het was een bitterkoude nacht. Van daar weer verder naar Chiesa di Belluno waar Arne zijn tweede dipje van de reis beleefde. Het ging gewoon niet meer vooruit. Altijd maar wandelen, de ene dag na de andere, ook al zijn het ‘nog maar’ 16 dagen, het blijven toch ook ‘nog altijd’ 16 dagen… en de enige manier om vooruit te geraken is om te blijven wandelen. Omdat we hier ook zo goed als geen winkels vinden is het ook onmogelijk om ons eigen wandelritme te volgen en veel te bivakkeren. Om eten te vinden moeten we echt van dorp naar dorp gaan. Wat alles dan weer duurder maakt, wat ervoor zorgt dat ons geld vlugger dan verwacht opgeraakt. Wat nog es extra stress oplevert want in al die kleinen middeleeuwse dorpjes waar je geen winkeltjes vind, vind je al zeker geen bank, of internet, of wandelkaarten… Soms wandelen we 4 dagen zonder kaarten en baseren we ons op digitale foto’s, genomen van wandelkaarten, GR streepjes, pijltjes, onze grote overzichtskaart van de hele alpen en vooral ons routegevoel. Om maar te zeggen dat het serieus vermoeiend begint te worden om georganiseerd te blijven… Niet gemakkelijk zo wandelen zonder gidsje waarin staat waar er eten is, slaapplaatsen zijn, banken… maar kom, we zijn en blijven op vakantie en we mogen niet klagen!
Wat enkele dagen later in Ussolo bewezen werd! De mevrouw aldaar was zo blij dat ze met ons kon babbelen dat ze ons twee gratis orvallekes heeft gegeven
en vanaf daar was ons dipje weer over
Iedere avond kunnen we hier trouwens het uiterst charmante geluid horen van mannelijke herten die een beetje bronstig op zoek zijn naar een vrouwtje. Het geluid valt best te omschrijven als een kotsende kerel (of zeehond) die juist in zijn kruis getrapt is
Op naar Chiappera waar ze ons gigantisch overcharged hebben voor het laatste van hun voedselvoorraad (wie gaat er nu nog wandelen in de bergen, wij hebben niks meer…) waarna we de dag daarna tesamen met een 30 koppen tellende luidruchtige italiaanse wandelgroep afscheid hebben kunnen nemen van Italie. Piemonte heeft ons italie terug een beetje leren waarderen.
In Larche begon het verhaaltje terug van voren af aan. Op de camping hebben we bijna al het laatste eten opgekocht dat er te vinden was, nog juist genoeg overlatend voor twee andere trekkers die dan echt het allerlaatste eten hebben opgekocht. Met hen zijn we gaan eten op restaurant en Chris (canadees) en Jane (Britse die in Cannes woont) bleken twee heel fijne mensen te zijn die we de dagen erna nog vaak zouden tegenkomen en heel veel fijne momenten mee hebben beleefd. In het restaurant is het ons ook gelukt om 50 euro extra te krijgen met behulp van onze visa kaart. De man van het hotel was er niet echt gelukkig mee, maar wij waren terug gesteld voor twee dagen. Vanaf hier wandelden we het Mercantour Nationaal Park binnen wat van het mooiste is dat we al gezien hebben. Na Larche vonden we weer een onbemand gite d etape. Zonder gevulde koelkast deze keer, maar wel gratis en proper onderdak, ook goed, we hadden zelf eten bij.
Vanaf daar weer verder naar Saint etienne de tinee. Eindelijk een echt groot dorp, maar ook hier geen supermarkt. Internet was in panne (he, das ook lang geleden dat we dat nog es hebben gehoord) maar ze hadden er gelukkig wel een cafe met Belgisch bier. We hebben chris en jane een duvel getrakteerd en hebben heel veel gelachen die avond. We beginnen echt nood te hebben aan vriendjes… In st etiennen hebben we toch maar een rustdag genemen, ook al was er niets. Eva heeft heel veel geslapen en arne heeft heel veel gegeten. Twas allemaal goed dus! Op naar Roya, waar we voorbij zijn gewandeld en gebivakkeerd hebben in de regen in het nationaal park. Geen wolven gezien maar heel veel gemzen en gypaéten. Het is best wel indrukwekkend om zo’n groot beest met 3 (!!!) meter spanwijdte over je hoofd te zien zoeven. Wat een wildlife dag en wat een lange dag. Chance dat wij gebivakeerd hadden. Iets voorbij de gite d etape hebben we nog maar es in de tent geslapen. Voor het eerste sinds 2 maanden zitten we hier nog es onder de 1000 meter en das best wel lekker warm
Verder door St saveur de tinee (geen internet) en door naar saint martin vesubie waar we nu zitten. Supermooi en al drie uur achter een pc zittend voor jullie. Sorry voor alle typfouten, maar ze zijn hier rondom ons heel het cafe interieur aan het veranderen en ze willen ons hier eigenlijk een beetje weg.
Maar kolm, het gaat goed met ons, wij vertrekken hier sebiet terug. Normaalgezien zijn we binnen 5 dagen in Monaco… Haaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaa,
wapperende handjes, paniek, een zwart gat wacht op ons… (gelieve geen flauwe woordmopjes te maken)
Tot gauw!
september 28, 2008 at 9:05 pm
Hey,
Nog net op tijd om hier ook iets te posten.
Heel chique wat jullie daar de voorbije dagen hebben uitgespookt! Geniet nog van de laatste dagen in de bergen met hopelijk nog wat mooi weer.
Doei,
Sofie x
september 28, 2008 at 9:43 pm
jullie vriendjes en familie hebben er ook nood aan om jullie nog eens te zien!
Geniet nog van de laatste dagen en tot binnenkort!
september 29, 2008 at 9:56 am
zot zotter zotst!
zo leuk om nog eens van jullie te horen, er opent zich altijd zo een stroom van idyllische beelden in mijn hoofd als ik de tekstjes lees. Nog veel succes en plezier met echt de aller-aller-allerlaatste loodjes, het is echt onvoorstelbaar dat jullie gewoonweg bijna in monaco zijn, is de zee al te zien?
groetjes en liefs!
x Jolijn
september 29, 2008 at 6:14 pm
Aha, daar zijn jullie weer!
Alles rustig doorgelezen, ik ben weer op de hoogte (het ruikt hier naar een flauw woordmopje…).
Groetjes en tot binnenkort, zeker?
Piet
PS: Vrees niet voor het zwarte gat. De winterprogrammatie van de TV is al begonnen! :p
september 29, 2008 at 7:57 pm
Idd het duurde lang eer ik hier nog eens iets nieuws te lezen kreeg. Nu zijn we weer wat up to date. Toch ben ik benieuwd naar de foto reportage binnekort. Tot gauw!